Geschiedenis

Honderdachttien jaar geleden, in 1907, werden de scouts opgericht door Robert Baden-Powell. Dertig jaar later werd er een scoutsgroep te Denderleeuw opgestart. De huidige Prins Boudewijn-groep. Drieënvijftig jaar geleden, in 1972, kwam er een afscheuring van deze groep onder de deskundige leiding van een bekende Teralfense Aarhulstenaar. Vier uit de kluiten gewassen jongelingen, de ene al wat blonder dan de andere, de andere al wat zotter dan de ene, startten een welpengroep.

Het werd vooral een zoektocht doorheen het mooie Teralfene. Alle uithoeken werden onveilig gemaakt, de gemeenteschool, de oude pastorij, de Portugeesstraat, bij den burgemeester, de Bellestraat,… Als we maar droog zaten! Stilaan werden we groter en groter en werden een (h)echte groep. In Denderleeuw zouden ze het geweten hebben, we danken hen voor de steun maar wilden stilaan op eigen benen staan en zo geschiedde.

Onder leiding van een groepsleidster ontstond een eigen scoutsgroep met name Ter Alwina met huisvesting in Teralfene. Inderdaad, dit was het grote probleem, een scoutslokaal!!! Hier begint het verhaal van een groep enthousiaste ouders die zich achter een groots project zetten.

Vijfenveertig jaar geleden, in 1982, begonnen ze eraan. De scoutsgroep Ter Alwina was de omzwervingen doorheen het dorp beu. Ze moesten zich tevreden stellen met lokalen op verschillende locaties. Speelweiden moesten ze delen met vrijende koppeltjes gelegen in de achterdaal, de Kaveé voor de motorliefhebbers en de vermelde koppeltjes. Er werd een lap grond gevonden, verwilderd en voorafgegaan door de school. “We zetten er zelf een lokaal op!”, aldus de enthousiastelingen.

Een vriendschap tussen een aantal mensen, mede ontstaan door de jaarlijkse bezoekdagen die toentertijd werden ingelast op de zomerkampen. Een feestdag voor de ouders, een marteling voor de leiding en oudere groepen. Control!!! Verdriet voor de jongere leden bij het uitwuiven van de ouderlijke bezoekers. Maar met vriendschappen alleen worden er geen boterhammen geplekt, een lokaal moest en zou er komen!

Er werd een plan getekend en een planning opgesteld. Het was simpel, iedere zaterdag moest er gewerkt worden. Er werd gezwoegd, gezweet, soms gevloekt. Moeders maakten picknicks en lekkere verse groentesoep. Vele handen maakten licht werk en onder de deskundigheid van de metsers zag je steen per steen een pracht van een lokaal verrijzen.

Kom later eens terug om te weten hoe het verhaal afloopt…